Corridors in Nationaal Park Bosland: eerste aanwijzing dat de gladde slang op trek gaat
In het Pijnven worden de voorbije jaren steeds meer inspanningen geleverd om het leefgebied van de gladde slang te versterken. Een belangrijk onderdeel daarvan zijn ecologische corridors: open verbindingen die reptielen toelaten zich veilig tussen heidekernen te verplaatsen. Dankzij de continue monitoring door BosLAB, ANB én studenten is nu voor het eerst een concreet geval van corridorgebruik vastgesteld.
Het gaat om een mannetje dat in 2025 op twee verschillende locaties werd gezien, met daartussen een corridor.
Een landschap dat opnieuw verbonden raakt
Sinds 2022 monitort BosLAB, samen met vrijwilligers van Natuurpunt, studenten en het Agentschap voor Natuur en Bos, de aanwezigheid van de gladde slang (Coronella austriaca) in het Pijnven. Daarvoor werden detectieplaten aangelegd aan zowel de noordkant als de zuidkant van het gebied.
De monitoring aan de zuidkant leverde tot nu toe geen waarnemingen op. Aan de noordkant daarentegen werden wel individuen aangetroffen, waardoor deze zone momenteel de belangrijkste bron van gegevens vormt.
In 2025 deed student Lowie Helsen hier een bijzonder waardevolle ontdekking: hij noteerde twee waarnemingen van hetzelfde mannetje op twee verschillende locaties, verbonden door een corridor die door ANB werd ingericht.
Dit vormt de eerste directe aanwijzing dat een gladde slang daadwerkelijk een corridor gebruikt om zich te verplaatsen. Het bewijst dat de aangelegde verbindingen kunnen functioneren zoals bedoeld, al is verdere monitoring nodig om te bepalen hoe vaak dit gebeurt en door welke individuen.
Waarom de corridors in oude dennenbossen zo belangrijk zijn
In het Pijnven bestaan corridors uit open stroken die zijn gecreëerd in oude dennenbossen. Door gericht beheer ontstaat een gevarieerd microklimaat met:
- lage, warme vegetaties
- ruigte- en struikopslagzones
- zonnige open plekken
- voldoende dekking en prooidieren
- Voor reptielen zoals de gladde slang, die sterk afhankelijk zijn van warmte en veilige verplaatsingsroutes, vormen deze corridors een essentieel onderdeel van een doorlaatbaar landschap.
Nieuwe detectieplaten in de corridors
Om beter te begrijpen hoe gladde slangen de corridorzones gebruiken, worden sinds 2025 extra detectieplaten gelegd — opnieuw in samenwerking met ANB en studenten.
Deze monitoring moet inzicht geven in:
- of en hoe vaak individuen de corridors gebruiken
- welke leeftijdsklassen aanwezig zijn
- verschillen tussen mannetjes en vrouwtjes
- mogelijkheden tot terugvangst om daadwerkelijke verplaatsingen te documenteren
- invloed van vegetatie, temperatuur, licht en wind
Omdat tot nu toe uitsluitend aan de noordkant individuen zijn aangetroffen, ligt de focus van deze analyses daar.
De gladde slang: een verborgen specialist
De gladde slang is schaars in Vlaanderen en wordt strikt beschermd. Ze leeft verborgen en vertoont zich slechts onder gunstige omstandigheden, waardoor detectieplaten een waardevol hulpmiddel zijn voor monitoring met minimale verstoring.
Zo herken je haar:
- gladde schubben
- een duidelijke donkere oogstreep
- ronde pupillen
- slanke kop en cilindrisch lichaam
- grijs- tot bruinachtige tinten
Elk individu heeft unieke kop- en schubpatronen, waardoor terugvangsten — zoals bij het in 2025 waargenomen mannetje — mogelijk zijn.
Mannetjes en vrouwtjes: subtiele verschillen
Het onderscheid tussen de geslachten helpt om migratiegedrag te interpreteren.
Mannetjes zijn te herkennen aan hun duidelijk langere staart, die veel geleidelijker versmalt. De staartaanzet is bovendien zichtbaar dikker, omdat hierin de hemipenissen zitten: twee interne, gepaarde voortplantingsorganen die typisch zijn voor mannelijke slangen.
Vrouwtjes hebben een kortere staart die meteen na de cloaca veel slanker wordt en missen deze verdikte aanzet. Daarnaast zijn vrouwtjes doorgaans groter en forser gebouwd, zeker tijdens de drachtperiode. Deze morfologische verschillen helpen bij het interpreteren van migratiegedrag en het correct bepalen van geslacht tijdens monitoring.
Mannetjes verplaatsen zich doorgaans verder, vooral in de paartijd.
Vrouwtjes zoeken tijdens de dracht warme, beschutte microhabitats op.
Dat het eerste waargenomen corridor-individu een mannetje bleek, past dus bij gekend soortgedrag.
Waarom migratie zo belangrijk is
Migratie verhoogt de veerkracht van kleine reptielenpopulaties. Ze:
- bevordert genetische uitwisseling
- vermindert inteelt
- vergroot het beschikbare leefgebied
- verbindt overwinteringsplekken, jachtterreinen en voortplantingslocaties
Voor een soort als de gladde slang, die in Vlaanderen in kleine en versnipperde populaties voorkomt, zijn goed functionerende verbindingen daarom cruciaal.
Wat betekent deze eerste waarneming voor Nationaal Park Bosland?
De dubbele waarneming van hetzelfde mannetje in 2025 vormt een belangrijke mijlpaal: ze toont aan dat gladde slangen de aangelegde corridors daadwerkelijk kunnen gebruiken.
Hoewel we nog ver verwijderd zijn van een volledig beeld, legt dit eerste bewijspunt een stevige basis voor verder onderzoek. De monitoring door BosLAB, Natuurpunt, ANB en studenten zal de komende jaren worden voortgezet om het gebruik van het landschap door deze zeldzame soort verfijnd in kaart te brengen.