Samenleven met Zoogdieren

19/08/2025

Mini-symposium inspireert met verrassende inzichten over onze verborgen buren


Op zaterdag 16 augustus vond in zaal De Geer in Eksel het mini-symposium Samenleven met Zoogdieren plaats, in het kader van het eerste zoogdiereninventarisatieweekend in Nationaal Park Bosland. De organisatie was in handen van Natuurpunt Studie (Zoogdierenwerkgroep), Boslab van het Nationaal Park Bosland en Natuur en Bos (ANB).
Ruim 80 deelnemers kregen zes boeiende lezingen voorgeschoteld die elk op hun manier het samenleven met zoogdieren in onze leefomgeving belichtten.
Een volle zaal, scherpe inzichten en veel stof tot nadenken en uitwisseling tijdens de pauzes: dit symposium bewees hoe groot de interesse is voor zoogdieren — van wetenschappelijk onderzoek tot verhalen uit het veld.

Overzicht lezingen 

Lezing 1: Hebben wij als recreant een invloed op wild?
Spreker: Wim Kuypers (UHasselt), i.s.m. Prof. dr. Natalie Beenaerts (UHasselt), Prof. dr. Nicolas Dendoncker (UNamur), Dr. ir. Jim Casaer (INBO)
Deze lezing focuste op de impact van recreatief gebruik van natuurgebieden op het gedrag en de verspreiding van wilde dieren. Aan de hand van cameraval-onderzoek in het Nationaal Park Hoge Kempen werden de spatio-temporele activiteitspatronen van soorten zoals everzwijn, ree en vos in kaart gebracht.
Belangrijkste bevindingen:
• Wandelpaden blijken het meest verstorend voor hoefdieren.
• De impact van fiets- en MTB-paden varieert seizoensgebonden.
• Vossen vertonen net een verhoogd ruimtegebruik in recreatiezones.
• Er werd geen weekend-effect vastgesteld op de activiteit van dieren of mensen.
• Landgebruik en afstand tot paden spelen een cruciale rol: het effect van recreatie is landschapsafhankelijk.
• Voor goed faunabeheer is data-gedreven management nodig, o.b.v. diverse databronnen: waarnemingen.be, Strava, mobiele telefoongegevens.
Kernboodschap:
Recreatie beïnvloedt wild in meer of mindere mate, afhankelijk van soort, seizoen en omgeving. Beheermaatregelen moeten onderbouwd zijn met specifieke gedragsdata van zowel mens als dier.

Lezing 2: Wetenschap als bouwsteen voor samenleven met everzwijnen en wolven in Vlaanderen
Spreker: Anneleen Rutten (Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek – INBO)
Anneleen Rutten gaf een brede en goed onderbouwde lezing over de rol van wetenschappelijk onderzoek bij het samenleven met twee iconische grote zoogdieren: het everzwijn en de wolf. Ze toonde aan hoe ecologie, monitoring, beleid, sociale perceptie en menselijke conflicten elkaar beïnvloeden in het faunabeheer in Vlaanderen.
Voor het everzwijn werd o.a. besproken:
• Populatieontwikkeling sinds 2006: gunstige omstandigheden door landbouw, klimaatverandering en voedselbeschikbaarheid.
• Conflicten en maatschappelijke bezorgdheden (schade, verkeersveiligheid).
• De noodzaak om te focussen op impact i.p.v. op aantallen.
• Wetenschappelijk onderbouwde beheervormen: monitoring via cameravallen, afschotgegevens, schadeanalyse, populatiemodellen.
Voor de wolf ging het over:
• Terugkeer in Vlaanderen sinds 2018: huidige populatie, HEK-roedel in Limburg, zwervers en verkeersslachtoffers.
• Juridisch kader en beschermingsstatus.
• Monitoring via camera’s, genetica en schadegevallen.
• Dieetanalyse op basis van uitwerpselen.
• Groot belang van maatschappelijk draagvlak en communicatie.
• Het Wolvenplan en internationale samenwerking rond instandhouding.
Kernboodschap:
Beheer van grote zoogdieren vraagt een integrale aanpak die ecologie en menselijke waarden combineert. Het succes van samenleven hangt af van goede monitoring, duidelijke communicatie én maatschappelijk draagvlak.

Lezing 3: Zoogdieren in een opvangcentrum
Spreker: Frederik Thoelen (Natuurhulpcentrum vzw)
Frederik Thoelen gaf een boeiende inkijk in de dagelijkse realiteit van het Natuurhulpcentrum (NHC), dat sinds 1976 uitgroeide tot een professionele opvangplek voor duizenden dieren per jaar. Het centrum vangt zowel inheemse als exotische dieren op, met een indrukwekkende inzet van 20 personeelsleden en zo’n 150 vrijwilligers.
De lezing belichtte onder meer:
• De werking van het centrum: verzorging van zieke, gewonde en verweesde dieren; opvang van inbeslaggenomen en afgestane exotische dieren; herplaatsing in dierentuinen en gespecialiseerde centra.
• Statistieken over opgevangen soorten (meer dan 30 soorten zoogdieren, waaronder das, vos, ree, wolf, steenmarter, egel en zelfs lynx).
• Analyse van opvangredenen: verkeersongevallen, ziekte, nestverlaters, kattenaanvallen, tuinaanleg, verdwaalde dieren, enz.
• Specifieke aandacht voor soorten als de egel (meer dan 2000 per jaar), ree, steenmarter, das en bever.
• Trends in sterfte, verkeersslachtoffers en ziektes (bv. hondenziekte bij steenmarter, “egelziekte”).
• Het belang van preventie, bioveiligheid en sensibilisering (voorlichting over nestjongen, wering van steenmarters, gebruik van ultrasone toestellen en sprays).
Kernboodschap:
Het Natuurhulpcentrum is een essentiële schakel in het welzijn van onze wilde fauna, maar ook een thermometer voor wat er misloopt in onze omgang met natuur. Preventie en publiekseducatie zijn cruciaal om de opvangdruk te verlagen en het samenleven met zoogdieren te verbeteren.

Lezing 4: Vleermuizen tellen in gebouwen
Spreker: Ghis Palmans (Vleermuizenwerkgroep Natuurpunt, beheerder Hageven)
In deze praktijkgerichte lezing lichtte Ghis Palmans toe hoe vleermuizen in gebouwen geïnventariseerd worden en waarom dat belangrijk is. De focus lag op het tellen van kraamkolonies en het adviseren bij verbouwingen, renovaties en mogelijke conflicten tussen mens en dier.
Onderwerpen die aan bod kwamen:
• Waarom tellen? Voor inschatting van kolonieomvang, renovatieadvies, en conflicthantering (zoals alarmactivatie).
• Waar tellen? In woonhuizen, kerken, kloosters, loodsen en magazijnen.
• Hoe tellen?
o Met het blote oog (tegenlicht en handteller).
o Met technologische hulpmiddelen: lichtrestfractiekijker, infraroodcamera, wildcamera, warmtecamera.
o Elke methode heeft voor- en nadelen qua nauwkeurigheid, kosten en gebruiksgemak.
• Vleermuizenkasten: ontwerp, plaatsing en valkuilen. Belang van geschikte materialen, dikte, oriëntatie en temperatuurregeling.
• Belang van preventie en communicatie met bewoners of eigenaars: eerlijk informeren, begrip tonen en alternatieven aanreiken.
Kernboodschap:
Inventarisatie is essentieel om vleermuizen te beschermen en tegelijk bewoners correct te informeren en ondersteunen. Technologische ondersteuning is waardevol, maar correcte communicatie en probleemoplossend denken blijven cruciaal.

Lezing 5: De laatste der korenwolven? Over de Europese hamster in Vlaanderen
Spreker: Tim Verhaegen (Agentschap voor Natuur en Bos – ANB)
Tim Verhaegen bracht een diepgaande presentatie over de status van de Europese hamster (Cricetus cricetus) in Vlaanderen – een ernstig bedreigde soort waarvan de populatie op instorten staat. De hamster stond centraal in een soortenbeschermingsprogramma (SBP), maar het beleidsmatige en ecologische draagvlak brokkelde de voorbije jaren af.
Belangrijke thema’s uit de lezing:
• Ecologie van de hamster: steppebewoner aangepast aan akkerleefgebieden met leem- of lössbodems. Solitair dier met diepe burchten, beperkte mobiliteit en grote wintervoedselvoorraad.
• Populatiedynamiek: korte levensduur, hoge predatie (80%), hoge voortplantingssnelheid maar lage overleving in het wild.
• Geschiedenis in Vlaanderen: begin 21e eeuw nog 4 populaties, nu enkel nog restanten bij Widooie. Dramatische terugval in zomertellingen.
• Uitzetprogramma's (2017-2024): wisselend succes, met steeds minder burchten in het veld en onzekerheid over voortbestaan.
• Beleid en regelgeving:
o Eerste SBP liep tot 2023, opvolger werd niet meer goedgekeurd.
o Europese Natuurherstelverordening verplicht Vlaanderen echter tot actie.
o Recent arrest van Europees Hof bevestigt ecologische ondergrens voor leefgebied (minimaal 600 ha per deelpopulatie).
Kernboodschap:
De Europese hamster is een icoonsoort van de landbouwnatuur, maar zonder politieke wil, concrete herintroductieplannen en versterking van zijn leefgebied dreigt hij definitief uit Vlaanderen te verdwijnen. De hamster toont pijnlijk hoe kwetsbaar soorten zijn in sterk veranderde landschappen.

Lezing 6: Op zoek naar zoogdieren – een levenslange passie
Spreker: Rollin Verlinde (Natuurfotograaf, veldbioloog)
Rollin Verlinde bracht een persoonlijke en beeldrijke lezing waarin hij zijn levenslange passie voor wilde zoogdieren deelde. Aan de hand van indrukwekkende foto's, verhalen uit het veld en waarnemingen uit de databank waarnemingen.be gaf hij het publiek een inkijk in zijn jarenlange ervaring met het opsporen, observeren en fotograferen van wilde zoogdieren in België.
De focus lag niet zozeer op wetenschappelijke data, maar op het belang van geduld, observatie, veldkennis en liefde voor het dier als motor van natuurbescherming. Hierbij tracht hij telkens portretfoto´s te maken van de dieren.
Kernboodschap:
De verwondering en betrokkenheid van mensen als Rollin Verlinde vormen een essentiële aanvulling op wetenschap en beleid. Zijn verhaal inspireerde tot aandacht voor de schoonheid en kwetsbaarheid van onze zoogdieren.